Eén blad van Dürers Apocalyps (gesneden ca. 1496–98, gedrukt in 1511) bevat het hele achtste hoofdstuk van de Openbaring.
Zeven engelen ontvangen boven een altaar bazuinen van God. Daaronder, terwijl ze blazen, valt het onheil over de wereld: een brandende berg stort in de zee en verbrijzelt de schepen, een grote ster valt op een bron, vuur barst uit de grond, en een arend vliegt over en roept wee.
Uit de tekst
“de zeven engelen, die voor God stonden; en hun werden zeven bazuinen gegeven” (Openbaring 8:2)
Een grote berg, van vuur brandende, in de zee geworpen; een ster die valt op de fonteinen der wateren (Openbaring 8:8–10)
Een engel die vliegt in het midden des hemels en roept: “Wee, wee, wee” (Openbaring 8:13)
Van de kunstenaar
De roep van de arend op een banderol als “we we we” — Duits voor “wee”
Zon en maan met gezichten, en Duitse steden langs de kust
Details
De bazuinen
God reikt bazuinen uit aan de engelen om Hem heen.
De arend
Een arend met een banderol in zijn snavel duikt omlaag.
De brandende berg
Een berg in vlammen stort tussen schepen in de zee.
De ster
Een enorme ster valt recht omlaag op een bron.
Albrecht Dürer, German, 1471–1528. The Cleveland Museum of Art (Gift of The Print Club of Cleveland, 1922.94.9) · Woodcut · Cleveland Museum of Art Open Access: Collection API record "share_license_status": "CC0" (Creative Commons Zero, https://creativecommons.org/publicdomain/zero/1.0/).