Ontdekken › Onderwerpen › Lelies en gras
Natuur
Lelies en gras in de Bijbel
Gedeelten van De Heilige Schrift 1917 (35), regel voor regel, uit Nave’s Topical Bible.
Lelies
- De kapitelen van de pilaren in het voorhuis van de tempel hadden de vorm van lelies1 Kon 7:19, 1 Kon 7:22
De verzen
1 Kon 7:19En de kapitelen, dewelke waren op het hoofd der pilaren, waren van leliewerk in het voorhuis, van vier ellen.
1 Kon 7:22En op het hoofd der pilaren was het leliewerk; alzo werd het werk der pilaren volmaakt.
- De rand van de koperen zee was als een leliebloem1 Kon 7:26, 2 Kron 4:5
De verzen
1 Kon 7:26Haar dikte nu was een hand breed, en haar rand als het werk van den rand eens bekers of ener leliebloem; zij hield twee duizend bath.
2 Kron 4:5Haar dikte nu was een hand breed, en haar rand als het werk van den rand eens bekers of ener leliebloem, bevattende vele bathen; zij hield drie duizend.
- “Aanmerkt de leliën des velds, hoe zij wassen; zij arbeiden niet, en spinnen niet”Matt 6:28, Luc 12:27
De verzen
Matt 6:28En wat zijt gij bezorgd voor de kleding? Aanmerkt de lelien des velds, hoe zij wassen; zij arbeiden niet, en spinnen niet;
Luc 12:27Aanmerkt de lelien, hoe zij wassen; zij arbeiden niet, en spinnen niet; en Ik zeg u: ook Salomo in al zijn heerlijkheid is niet bekleed geweest als een van deze.
- Zelfs Salomo in al zijn heerlijkheid was niet bekleed als een van dezeMatt 6:29
De verzen
Matt 6:29En Ik zeg u, dat ook Salomo, in al zijn heerlijkheid, niet is bekleed geweest, gelijk een van deze.
- Een herder weidt zijn kudde tussen de leliesHoogl 2:16, Hoogl 6:3
De verzen
Hoogl 2:16Mijn Liefste is mijn, en ik ben Zijn, Die weidt onder de lelien,
Hoogl 6:3Ik ben mijns Liefsten, en mijn Liefste is mijn, Die onder de lelien weidt.
- De geliefde gaat af naar zijn hof om lelies te plukkenHoogl 6:2
De verzen
Hoogl 6:2Mijn Liefste is afgegaan in Zijn hof, tot de specerijbedden, om te weiden in de hoven, en om de lelien te verzamelen.
- “Een Lelie der dalen … gelijk een lelie onder de doornen”Hoogl 2:1–2
De verzen
Hoogl 2:1–2Ik ben een Roos van Saron, een Lelie der dalen. Gelijk een lelie onder de doornen, alzo is Mijn vriendin onder de dochteren.
- “Zijn lippen zijn als leliën, druppende van vloeiende mirre”Hoogl 5:13
De verzen
Hoogl 5:13Zijn wangen zijn als een bed van specerijen, als welriekende torentjes; Zijn lippen zijn als lelien, druppende van vloeiende mirre.
- Twee tweelingjongen van een ree, weidend tussen de leliesHoogl 4:5
De verzen
Hoogl 4:5Uw twee borsten zijn gelijk twee welpen, tweelingen van een ree, die onder de lelien weiden.
Gras
- Gras groeit voor het vee en op de bergenPs 104:14, Ps 147:8, Deut 11:15
De verzen
Ps 104:14Hij doet het gras uitspruiten voor de beesten, en het kruid tot dienst des mensen, doende het brood uit de aarde voortkomen.
Ps 147:8Die de hemelen met wolken bedekt, Die voor de aarde regen bereidt; Die het gras op de bergen doet uitspruiten;
Deut 11:15En Ik zal kruid geven op uw veld voor uw beesten; en gij zult eten en verzadigd worden.
- Regen op het gemaaide grasPs 72:6
De verzen
Ps 72:6Hij zal nederdalen als een regen op het nagras, als de druppelen, die de aarde bevochtigen.
- Gras op de daken verdort voordat het opschietPs 129:6–7, 2 Kon 19:26
De verzen
Ps 129:6–7Laat hen worden als gras op de daken, hetwelk verdort, eer men het uittrekt; Waarmede de maaier zijn hand niet vult, noch de garvenbinder zijn arm;
2 Kon 19:26Daarom waren haar inwoners handeloos; zij waren verslagen en beschaamd; zij waren als het gras des velds, en de groene grasscheutjes, het hooi der daken, en het brandkoren, eer het over einde staat.
- Het gras des velds: heden staat het, morgen wordt het in de oven geworpenMatt 6:30, Luc 12:28
De verzen
Matt 6:30Indien nu God het gras des velds, dat heden is, en morgen in den oven geworpen wordt, alzo bekleedt, zal Hij u niet veel meer kleden, gij kleingelovigen?
Luc 12:28Indien nu God het gras dat heden op het veld is, en morgen in den oven geworpen wordt, alzo bekleedt, hoeveel meer u, gij kleingelovigen!
- Als het hooi is weggehaald, verschijnt het nieuwe groenSpr 27:25
De verzen
Spr 27:25Als het gras zich openbaart, en de grasscheuten gezien worden, laat de kruiden der bergen verzameld worden.
- De brandende zon doet het gras verdorren, en zijn bloem valt afJak 1:11
De verzen
Jak 1:11Want de zon is opgegaan met de hitte, en heeft het gras dor gemaakt, en zijn bloem is afgevallen, en de schone gedaante haars aanschijns is vergaan; alzo zal ook de rijke in zijn wegen verwelken.
- In de droogte zocht Achab bij elke bron en in elk dal gras voor de paarden1 Kon 18:5
De verzen
1 Kon 18:5En Achab had gezegd tot Obadja: Trek door het land, tot alle waterfonteinen en tot alle rivieren; misschien zullen wij gras vinden, opdat wij de paarden en de muilezelen in het leven behouden, en niets uitroeien van de beesten.
- De wateren van Nimrim droogden op en het gras verdordeJes 15:6
De verzen
Jes 15:6Want de wateren van Nimrim zullen enkel verwoesting wezen; want het gras is verdord, het tedere gras is vergaan, er is geen groente.
- Behemoth eet gras als een rundJob 40:15
De verzen
Job 40:15Zie nu Behemoth, welken Ik gemaakt heb nevens u; hij eet hooi, gelijk een rund.
- Nebukadnezar at gras als een rundDan 4:33
De verzen
Dan 4:33Ter zelfder ure werd dat woord volbracht over Nebukadnezar, want hij werd uit de mensen verstoten, en hij at gras als de ossen, en zijn lichaam werd van den dauw des hemels nat gemaakt, totdat zijn haar wies als der arenden vederen, en zijn nagelen als der vogelen.
- “Rochelt ook de woudezel bij het jonge gras?”Job 6:5
De verzen
Job 6:5Rochelt ook de woudezel bij het jonge gras? Loeit de os bij zijn voeder?
- De vijfduizend gingen zitten op het groene grasJoh 6:10, Marc 6:39
Uitspraken
- “Alle vlees is gras … het gras verdort, de bloem valt af”Jes 40:6–8, 1 Petr 1:24
De verzen
Jes 40:6–8Een stem zegt: Roept! En hij zegt: Wat zal ik roepen? Alle vlees is gras, en al zijn goedertierenheid als een bloem des velds. Het gras verdort, de bloem valt af, als de Geest des HEEREN daarin blaast; voorwaar, het volk is gras. Het gras verdort, de bloem valt af; maar het Woord onzes Gods bestaat in der eeuwigheid.
1 Petr 1:24Want alle vlees is als gras, en alle heerlijkheid des mensen is als een bloem van het gras. Het gras is verdord, en zijn bloem is afgevallen;
- Nieuw gras bloeit ’s morgens op en verdort tegen de avondPs 90:5–6
De verzen
Ps 90:5–6Gij overstroomt hen; zij zijn gelijk een slaap; in den morgenstond zijn zij gelijk het gras, dat verandert; In den morgenstond bloeit het, en het verandert; des avonds wordt het afgesneden, en het verdort.
- De dagen van de mens zijn als gras; de wind gaat erover en het is wegPs 103:15–16
De verzen
Ps 103:15–16De dagen des mensen zijn als het gras, gelijk een bloem des velds, alzo bloeit hij. Als de wind daarover gegaan is, zo is zij niet meer, en haar plaats kent haar niet meer.
- Rede die druipt als dauw, als zachte regen op het jonge grasDeut 32:2
De verzen
Deut 32:2Mijn leer druipe als een regen, mijn rede vloeie als een dauw; als een stofregen op de grasscheutjes, en als druppelen op het kruid.
Bronnen
Naar Nave’s Topical Bible (Orville J. Nave, 1896; publiek domein): onderwerpen gekozen, regels ingekort en in hedendaagse taal gezet, zonder uitleg; elk vers gecontroleerd.
De Heilige Schrift 1917 · Publiek domein