Bible Explorer

Bijbel › Leesplannen › Tijdlijn en kaart

Verdieping · Dagen: 60

Tijdlijn en kaart

60 gebeurtenissen op volgorde, elk met een datum en een plaats op de kaart.

  1. Dag 1

    De schepping

    Gen 1:1–31

    Vóór de geschreven geschiedenis

    De Bijbel begint ermee dat God in zes dagen de hemel, de aarde en alle levende wezens schept en op de zevende dag rust.

  2. Dag 2

    De hof en de val

    Gen 3:1–24

    Vóór de geschreven geschiedenis · Eden (ligging onbekend)

    De eerste man en vrouw zijn God ongehoorzaam en moeten de hof van Eden verlaten. Genesis situeert Eden bij vier rivieren, waarvan er twee de Tigris en de Eufraat zijn.

  3. Dag 3

    De zondvloed

    Gen 7:1–24

    Vóór de geschreven geschiedenis · Bergen van Ararat (Urartu)

    Noach, zijn gezin en de dieren overleven de zondvloed in de ark. Daarna komt die tot rust op de bergen van Ararat, het oude land Urartu in het huidige oosten van Turkije en Armenië.

  4. Dag 4

    De toren van Babel

    Gen 11:1–9

    Vóór de geschreven geschiedenis · Babel, in Sinear (Babylonië)

    Mensen in de vlakte van Sinear bouwen een stad en een toren van gebakken stenen. Mesopotamische steden hadden getrapte tempeltorens, ziggurats genoemd.

  5. Dag 5

    Abram gaat naar Kanaän

    Gen 12:1–9

    ca. 2000 v.Chr. (traditionele datering) · Sichem

    Op Gods roepstem verlaat Abram Haran met Sarai en Lot. In Kanaän houdt hij halt bij Sichem, waar God het land aan zijn nakomelingen belooft.

  6. Dag 6

    Sodom en Gomorra

    Gen 19:15–29

    ca. 2000 v.Chr. (traditionele datering) · Sodom, bij de Dode Zee (precieze plaats omstreden)

    Lot en zijn dochters ontkomen, terwijl de steden van de vlakte bij de Dode Zee door vuur en zwavel worden verwoest.

  7. Dag 7

    Jozef wordt verkocht

    Gen 37:12–36

    ca. 1900–1700 v.Chr. (traditionele datering) · Dothan

    De broers van Jozef, die hun kudden bij Dothan weiden, verkopen hem aan handelaars op de karavaanweg naar Egypte.

  8. Dag 8

    Jozef aan het hof van Farao

    Gen 41:37–57

    ca. 1900–1700 v.Chr. (traditionele datering) · Egypte

    Nadat hij de dromen van Farao heeft uitgelegd, krijgt Jozef het bestuur over Egypte en slaat hij graan op voor zeven jaren van hongersnood.

  9. Dag 9

    Mozes wordt geboren

    Ex 2:1–10

    15e of 13e eeuw v.Chr. (datering omstreden) · Egypte

    Mozes, geboren in een Israëlitisch slavengezin, wordt in een mandje op de Nijl verborgen en grootgebracht door de dochter van Farao.

  10. Dag 10

    De uittocht

    Ex 12:29–42

    15e of 13e eeuw v.Chr. (datering omstreden) · Raämses, in de Nijldelta

    Na de nacht van het Pascha trekken de Israëlieten weg uit Raämses. Geleerden dateren de uittocht ofwel rond 1446 v.Chr., ofwel in de 13e eeuw v.Chr.

  11. Dag 11

    Door de zee

    Ex 14:15–31

    15e of 13e eeuw v.Chr. (datering omstreden) · De Schelfzee (Rode Zee), of “Rietzee” (precieze plaats onbekend)

    Israël trekt op het droge door de zee, en de Egyptische strijdwagens gaan verloren. De Hebreeuwse naam betekent “Rietzee”; waar de doortocht plaatsvond, is niet bekend.

  12. Dag 12

    De Tien Geboden

    Ex 20:1–21

    15e of 13e eeuw v.Chr. (datering omstreden) · Berg Sinaï (traditionele plaats)

    Bij de berg Sinaï geeft God Israël de Tien Geboden. De berg wordt traditioneel gelijkgesteld met de Djebel Musa in het zuiden van het Sinaï-schiereiland.

  13. Dag 13

    Veertig jaar in de woestijn

    Num 14:26–35

    15e of 13e eeuw v.Chr. (datering omstreden) · Kades-Barnea

    Bij Kades-Barnea weigert het volk na het verslag van de verspieders Kanaän binnen te gaan, en die generatie zwerft veertig jaar door de woestijn.

  14. Dag 14

    Mozes ziet het land

    Deut 34:1–8

    15e of 13e eeuw v.Chr. (datering omstreden) · Berg Nebo, in Moab

    Vanaf de berg Nebo, ten oosten van de Jordaan, ziet Mozes het beloofde land. Hij sterft in Moab, en niemand weet waar zijn graf is.

  15. Dag 15

    De doortocht door de Jordaan

    Joz 3:9–17

    15e of 13e eeuw v.Chr. (datering omstreden) · De Jordaan, tegenover Jericho

    Geleid door de priesters die de ark van het verbond dragen, trekt Israël in de oogsttijd door de Jordaan, wanneer de rivier buiten haar oevers treedt.

  16. Dag 16

    De muren van Jericho

    Joz 6:1–21

    15e of 13e eeuw v.Chr. (datering omstreden) · Jericho

    Zeven dagen lang trekt Israël rond Jericho, een van de oudste steden ter wereld, totdat de muren vallen.

  17. Dag 17

    Debora en Barak

    Recht 4:4–16

    ca. 1200 v.Chr. (traditioneel vroeger gedateerd) · Berg Thabor

    De profetes Debora stuurt Barak met tienduizend man naar de berg Thabor, en de strijdwagens van Sisera worden bij de beek Kison verslagen.

  18. Dag 18

    De driehonderd van Gideon

    Recht 7:1–22

    ca. 1150 v.Chr. (traditioneel vroeger gedateerd) · Dal van Jizreël, bij de heuvel More

    Met slechts driehonderd man, met bazuinen en met fakkels verborgen in kruiken, jaagt Gideon het legerkamp van de Midianieten in het dal van Jizreël op de vlucht.

  19. Dag 19

    Simson in Gaza

    Recht 16:23–31

    ca. 1100 v.Chr. (traditioneel vroeger gedateerd) · Gaza

    Blind gemaakt en geketend haalt Simson de tempel van de Filistijnse god Dagon in Gaza omver.

  20. Dag 20

    Samuël wordt geroepen

    1 Sam 3:1–21

    ca. 1100 v.Chr. · Silo

    In Silo, waar de ark van het verbond werd bewaard, hoort de jonge Samuël ’s nachts God die hem roept.

  21. Dag 21

    David en Goliath

    1 Sam 17:40–51

    ca. 1020 v.Chr. · Dal van Ela

    In het dal van Ela, tussen de legers van Israël en de Filistijnen, verslaat de jonge herder David Goliath uit Gath.

  22. Dag 22

    De dood van Saul

    1 Sam 31:1–13

    ca. 1010 v.Chr. · Berg Gilboa

    De eerste koning van Israël, Saul, en zijn zoon Jonathan sneuvelen in de strijd tegen de Filistijnen op de berg Gilboa.

  23. Dag 23

    David neemt Jeruzalem in

    2 Sam 5:1–12

    ca. 1000 v.Chr. · Jeruzalem

    Gezalfd tot koning over heel Israël, verovert David de Jebusitische stad Jeruzalem en maakt die tot zijn hoofdstad, de stad Davids.

  24. Dag 24

    Salomo bouwt de tempel

    1 Kon 6:1–14

    ca. 960 v.Chr. · Jeruzalem

    In het vierde jaar van zijn regering begint Salomo met de bouw van de tempel in Jeruzalem. De bouw duurt zeven jaar.

  25. Dag 25

    Het rijk scheurt

    1 Kon 12:1–20

    ca. 930 v.Chr. · Sichem

    In Sichem wijzen de noordelijke stammen Rehabeam, de zoon van Salomo, af en maken zij Jerobeam koning. Voortaan zijn er twee koninkrijken: Israël en Juda.

  26. Dag 26

    Elia op de Karmel

    1 Kon 18:20–40

    ca. 860 v.Chr. · Berg Karmel

    In de dagen van koning Achab daagt Elia de profeten van Baäl uit op de berg Karmel, boven de kust van de Middellandse Zee.

  27. Dag 27

    Elia wordt opgenomen

    2 Kon 2:1–14

    ca. 850 v.Chr. · De Jordaan, bij Jericho

    Aan de overkant van de Jordaan wordt Elia in een stormwind naar de hemel opgenomen, en Elisa raapt zijn mantel op.

  28. Dag 28

    Jona in Nineve

    Jona 3:1–10

    8e eeuw v.Chr. · Nineve, in Assyrië

    Jona predikt in Nineve, een grote stad van het Assyrische rijk aan de Tigris, en de stad bekeert zich.

  29. Dag 29

    De val van Samaria

    2 Kon 17:1–18

    722 v.Chr. · Samaria

    Na een beleg van drie jaar nemen de Assyriërs Samaria in, de hoofdstad van het noordelijke koninkrijk, en voeren zij een groot deel van de bevolking weg.

  30. Dag 30

    Jeruzalem wordt gespaard

    2 Kon 19:14–37

    701 v.Chr. · Jeruzalem

    Wanneer de Assyrische koning Sanherib Jeruzalem bedreigt, bidt koning Hizkia in de tempel. De eigen annalen van Sanherib beschrijven deze veldtocht.

  31. Dag 31

    De hervorming van Josia

    2 Kon 23:1–25

    ca. 622 v.Chr. · Jeruzalem

    Nadat het wetboek in de tempel is gevonden, leest koning Josia het aan het volk voor en verwijdert hij de afgodsbeelden uit Juda.

  32. Dag 32

    Daniël in Babel

    Dan 1:1–21

    ca. 605 v.Chr. · Babel

    De jonge Daniël en zijn vrienden worden naar Babel weggevoerd en opgeleid voor de dienst aan het hof van Nebukadnezar.

  33. Dag 33

    Ezechiël aan de rivier Chebar

    Ezech 1:1–28

    593 v.Chr. · Het kanaal Chebar, in Babylonië

    Onder de ballingen bij het kanaal Chebar in Babylonië ziet de priester Ezechiël een visioen van Gods heerlijkheid.

  34. Dag 34

    De val van Jeruzalem

    2 Kon 25:1–21

    587/586 v.Chr. · Jeruzalem

    Het Babylonische leger van Nebukadnezar dringt Jeruzalem binnen, verbrandt de tempel en voert het volk in ballingschap.

  35. Dag 35

    Kores laat de ballingen terugkeren

    Ezra 1:1–11

    538 v.Chr. · Babel

    Kores van Perzië, die Babel heeft veroverd, staat de Joden toe naar huis terug te keren en de tempel in Jeruzalem te herbouwen.

  36. Dag 36

    De herbouw van de tempel

    Hag 1:1–15

    520 v.Chr. · Jeruzalem

    De profeet Haggaï spoort de teruggekeerde ballingen aan het werk aan de tempel te hervatten; enkele jaren later was die voltooid.

  37. Dag 37

    Esther in Susan

    Est 4:1–17

    ca. 480 v.Chr. · Susan, in Perzië

    In de Perzische koningsstad Susan besluit koningin Esther ongevraagd naar koning Ahasveros (Xerxes) te gaan om haar volk te redden.

  38. Dag 38

    Nehemia en de muren

    Neh 2:11–20

    445 v.Chr. · Jeruzalem

    Nehemia, schenker van de Perzische koning, inspecteert ’s nachts de verwoeste muren van Jeruzalem en leidt het volk bij de herbouw ervan.

  39. Dag 39

    De engel komt bij Maria

    Luc 1:26–38

    ca. 6–5 v.Chr. · Nazareth, in Galilea

    In het kleine Galilese dorp Nazareth zegt de engel Gabriël tegen Maria dat zij een zoon zal baren.

  40. Dag 40

    Jezus wordt geboren

    Luc 2:1–20

    ca. 6–4 v.Chr. · Bethlehem

    Tijdens een Romeinse volkstelling wordt Jezus geboren in Bethlehem, de stad Davids, en herders komen naar hem kijken. Herodes de Grote stierf in 4 v.Chr.

  41. Dag 41

    De doop in de Jordaan

    Matt 3:13–17

    ca. 28 n.Chr. · De Jordaan, Bethanië aan de overkant van de Jordaan

    Jezus komt uit Galilea naar de Jordaan en wordt door Johannes gedoopt. Lukas dateert de prediking van Johannes in het vijftiende jaar van keizer Tiberius.

  42. Dag 42

    De bruiloft te Kana

    Joh 2:1–11

    ca. 28 n.Chr. · Kana, in Galilea

    Op een dorpsbruiloft in Kana verandert Jezus het water in zes stenen kruiken in wijn.

  43. Dag 43

    De Bergrede

    Matt 5:1–16

    ca. 28–29 n.Chr. · Heuvels aan het Meer van Galilea

    Op een heuvelhelling in Galilea onderwijst Jezus zijn discipelen en de menigte. De overlevering plaatst dit op de hellingen boven het meer bij Kapernaüm.

  44. Dag 44

    Vijf broden en twee vissen

    Matt 14:13–21

    ca. 29 n.Chr. · Bij Bethsaida, aan het Meer van Galilea

    Op een afgelegen plek bij het meer geeft Jezus een menigte van ongeveer vijfduizend mannen te eten, vrouwen en kinderen niet meegerekend.

  45. Dag 45

    Lazarus

    Joh 11:1–44

    ca. 30 of 33 n.Chr. · Bethanië, bij Jeruzalem

    In Bethanië, nog geen twee mijl van Jeruzalem, wekt Jezus zijn vriend Lazarus op, vier dagen nadat die begraven was.

  46. Dag 46

    De intocht in Jeruzalem

    Matt 21:1–11

    30 of 33 n.Chr. · Jeruzalem

    Voor het Pascha rijdt Jezus op een ezel Jeruzalem binnen, en de menigte begroet hem met takken en met het geroep “Hosanna”.

  47. Dag 47

    Gethsemane

    Matt 26:36–56

    30 of 33 n.Chr. · Gethsemane, op de Olijfberg

    ’s Nachts, in een olijfgaard die Gethsemane heet, aan de overkant van het Kedrondal, bidt Jezus en wordt hij gevangengenomen.

  48. Dag 48

    De kruisiging

    Joh 19:16–42

    30 of 33 n.Chr. · Golgotha, buiten de stadsmuur

    Onder de Romeinse landvoogd Pontius Pilatus wordt Jezus gekruisigd op Golgotha, “de Hoofdschedelplaats”, en begraven in een graf in een hof vlakbij.

  49. Dag 49

    Het lege graf

    Joh 20:1–18

    30 of 33 n.Chr. · Jeruzalem

    Vroeg op de eerste dag van de week vindt Maria Magdalena het graf leeg en ontmoet zij de opgestane Jezus.

  50. Dag 50

    Pinksteren

    Hand 2:1–13

    30 of 33 n.Chr. · Jeruzalem

    Op het Pinksterfeest, als er pelgrims uit vele landen in Jeruzalem zijn, worden de discipelen vervuld met de Heilige Geest en spreken zij in andere talen.

  51. Dag 51

    Op weg naar Damaskus

    Hand 9:1–19

    ca. 34 n.Chr. · Damaskus

    Saulus van Tarsen, op weg om gelovigen in Damaskus gevangen te nemen, wordt tegengehouden door een licht uit de hemel en ontmoet de opgestane Jezus.

  52. Dag 52

    Petrus en Cornelius

    Hand 10:1–48

    ca. 37–40 n.Chr. · Cesarea, aan de kust

    In Cesarea, de Romeinse hoofdstad van Judea, bezoekt Petrus de hoofdman Cornelius, en het eerste niet-Joodse huisgezin ontvangt de Geest.

  53. Dag 53

    De eerste reis

    Hand 13:1–12

    ca. 46–47 n.Chr. · Pafos, op Cyprus

    Uitgezonden door de gemeente in Antiochië varen Barnabas en Saulus naar Cyprus en trekken zij over het eiland naar Pafos, de zetel van de Romeinse landvoogd.

  54. Dag 54

    De vergadering in Jeruzalem

    Hand 15:1–35

    ca. 49 n.Chr. · Jeruzalem

    De apostelen en de oudsten komen in Jeruzalem bijeen om te beslissen of niet-Joodse gelovigen de wet van Mozes moeten houden.

  55. Dag 55

    Lydia en de cipier in Filippi

    Hand 16:11–40

    ca. 49–50 n.Chr. · Filippi, in Macedonië

    In Filippi, een Romeinse kolonie in Macedonië, ontmoet Paulus Lydia, een verkoopster van purperstof, en later zingt hij om middernacht in de gevangenis.

  56. Dag 56

    Paulus in Athene

    Hand 17:16–34

    ca. 50 n.Chr. · Athene

    Te midden van de tempels en filosofen van Athene spreekt Paulus op de Areopagus over de “onbekende god”.

  57. Dag 57

    Anderhalf jaar in Korinthe

    Hand 18:1–17

    ca. 50–52 n.Chr. · Korinthe

    Paulus werkt in Korinthe als tentenmaker, samen met Aquila en Priscilla. Een inscriptie die in Delphi is gevonden, dateert de ambtstijd van Gallio als landvoogd rond 51–52 n.Chr.

  58. Dag 58

    Het oproer in Efeze

    Hand 19:23–40

    ca. 55 n.Chr. · Efeze

    De zilversmeden van Efeze, die tempeltjes van de godin Artemis (Diana) maken, ontketenen in het grote theater een oproer tegen de prediking van Paulus.

  59. Dag 59

    Paulus in Rome

    Hand 28:11–31

    ca. 60–62 n.Chr. · Rome

    Na een schipbreuk op Malta bereikt Paulus Rome, waar hij twee jaar onder bewaking woont en bezoekers ontvangt.

  60. Dag 60

    Johannes op Patmos

    Openb 1:9–20

    ca. 95 n.Chr. (volgens de overlevering) · Patmos, in de Egeïsche Zee

    Op het kleine eiland Patmos, voor de kust van Klein-Azië, ziet Johannes de visioenen die zijn opgeschreven in het boek Openbaring.

In de app onthoudt het plan waar je bent, markeert het de gelezen dagen en herinnert het je elke dag. De Heilige Schrift 1917.

Gebeurtenissen: Theographic (CC BY-SA 4.0) · plaatsen: OpenBible.info (CC BY 4.0) · data bij benadering — Theographic Bible Metadata (CC BY-SA 4.0), OpenBible.info (CC BY 4.0).

Verdieping

Leesplannen