Ontdekken › Voor pelgrims › Het Heilige Land in een week › Kerk van het Primaatschap van Petrus
Het Heilige Land in een week · Halte 19 · Dag 6
Kerk van het Primaatschap van Petrus
In de Bijbel
Na de opstanding stond Jezus bij het aanbreken van de dag aan de oever; de discipelen vingen een grote menigte vissen, aten met Hem bij een kolenvuur, en Hij vroeg Petrus driemaal: „Hebt gij Mij lief?”
En als het nu morgenstond geworden was, stond Jezus op den oever; doch de discipelen wisten niet, dat het Jezus was. Jezus dan zeide tot hen: Kinderkens, hebt gij niet enige toespijs? Zij antwoordden Hem: Neen. En Hij zeide tot hen: Werpt het net aan de rechterzijde van het schip, en gij zult vinden. Zij wierpen het dan, en konden hetzelve niet meer trekken vanwege de menigte der vissen. De discipel dan, welken Jezus liefhad, zeide tot Petrus: Het is de Heere! Simon Petrus dan, horende, dat het de Heere was, omgordde het opperkleed (want hij was naakt), en wierp zichzelven in de zee. En de andere discipelen kwamen met het scheepje (want zij waren niet verre van het land, maar omtrent tweehonderd ellen), slepende het net met de vissen. Als zij dan aan het land gegaan waren, zagen zij een kolenvuur liggen, en vis daarop liggen, en brood. Jezus zeide tot hen: Brengt van den vissen, die gij nu gevangen hebt. Simon Petrus ging op, en trok het net op het land, vol grote vissen, tot honderd drie en vijftig; en hoewel er zovele waren, zo scheurde het net niet. Jezus zeide tot hen: Komt herwaarts, houdt het middagmaal. En niemand van de discipelen durfde Hem vragen: Wie zijt Gij? wetende, dat het de Heere was. Jezus dan kwam, en nam het brood, en gaf het hun, en den vis desgelijks. Dit was nu de derde maal, dat Jezus Zijn discipelen geopenbaard is, nadat Hij van de doden opgewekt was. Toen zij dan het middagmaal gehouden hadden, zeide Jezus tot Simon Petrus: Simon, zoon van Jonas, hebt gij Mij liever dan dezen? Hij zeide tot Hem: Ja, Heere! Gij weet, dat ik U liefheb. Hij zeide tot hem: Weid Mijn lammeren. Hij zeide wederom tot hem ten tweeden maal: Simon, zoon van Jonas, hebt gij Mij lief? Hij zeide tot Hem: Ja, Heere, gij weet, dat ik U liefheb. Hij zeide tot hem: Hoed Mijn schapen. Hij zeide tot hem ten derden maal: Simon, zoon van Jonas, hebt gij Mij lief? Petrus werd bedroefd, omdat Hij ten derden maal tot hem zeide: Hebt gij Mij lief, en zeide tot Hem: Heere! Gij weet alle dingen, Gij weet, dat ik U liefheb. Jezus zeide tot hem: Weid Mijn schapen.Overlevering
Volgens de overlevering is de platte rots in de kapel, Mensa Christi (de Tafel van Christus) genoemd, de plaats waar Jezus de maaltijd voor de discipelen klaarmaakte.
Hier vandaag
Een kleine kapel van zwart basalt uit 1933 aan de waterkant, op de plaats van een oudere kerk; in de rots uitgehouwen treden gaan het meer in.
Door de ogen van oude pelgrims
En daar dichtbij is een plaats onder de berg bij die zee van Tiberias, en op die plaats openbaarde Christus Zich voor de derde maal aan Zijn discipelen na de opstanding … en zij zagen bij het net een vuur en brood, en vis daarop gebakken … daar is een kerk gebouwd in de naam van de heilige apostelen.Abt Daniël, 1106–1108 · onze vertaling
Bekijk vóór je reis het reisadvies van je land. Openingstijden en regels van de plaatsen veranderen — zie hun officiële pagina’s.
Contouren van het land: Natural Earth (publiek domein).